Roestvrij staal beschermt zichzelf van nature tegen corrosie dankzij een dunne passieve laag chroomoxide (Cr2O3). Deze oxidefilm vormt zich spontaan wanneer het oppervlak in contact komt met zuurstof. Wordt het oppervlak beschadigd, dan herstelt deze laag zich meestal vanzelf.
Toch zijn er situaties waarin het herstel niet optreedt. Door bewerkingen zoals lassen, buigen of verspanen kan het oppervlak verontreinigd raken of zuurstofarm worden. In die gevallen verdwijnt de passieve toestand en wordt het metaal actief, waardoor het alsnog kan corroderen bij contact met lucht, vocht of chemicaliën.
Passiveren is een behandeling die de natuurlijke beschermlaag van roestvrij staal herstelt of versterkt. Tijdens dit proces wordt het oppervlak eerst gereinigd en ontvet, vaak gevolgd door een beitsbehandeling met een mengsel van salpeterzuur (HNO₃) en waterstoffluoride (HF). Dit verwijdert verontreinigingen, lasspetters en oxiden.
Daarna volgt het eigenlijke passiveren: een behandeling in een bad met salpeterzuur. Hierbij wordt het oppervlak opnieuw voorzien van een stabiele chroomoxidelaag, waardoor de roestvastheid volledig terugkeert.
Passiveren is vooral aangewezen wanneer:
Wij gebruiken dus enerzijds onze eigen cookies en anderzijds cookies van zorgvuldig geselecteerde partners met wie we samenwerken.
Kijk dan in onze uitgebreide Cookieverklaring en ons Privacybeleid .